| ||||||||||||||
|
|
Het orgel heeft een manuaal en pedaal en werd gebouwd in 1627. De orgelbouwer is onbekend. De dispositie van dit instrument draagt alle kenmerken van de Renaissance. Het heeft een tongwerk, een typisch Renaissance Regaal geplaatst voor de frontpijpen. Het is het oude type regaal dat gedurende het eerste half jaar van de 17de eeuw in onbruik is geraakt. Het geluid is krassend, zelfs blèrend, neigt naar onevenwichtigheid en is moeilijk elders te vinden. Er zijn ook geen houten pijpen want alle pijpen zijn gemaakt van tin. Het pedaal heeft een ongebruikelijke omvang van twee octaven om het in staat te stellen het cantus firmus van de Renaissance composities te bespelen. Het orgel is geïntoneerd in middentoon. Het orgel werd in 1787 verkocht aan de kerk van Kruh. Gedurende de 19de eeuw werd het goed onderhouden door de plaatselijke handwerklieden. Het basoctaaf werd aan het pedaal toegevoegd. Het lot van het orgel was in de 20ste eeuw zeer ongelukkig. De inwoners van het dorpje Kruh werden na de Tweede Wereldoorlog vanwege hun voornamelijk Duitse afkomst het land uitgewezen. De kerk met haar orgel werd verlaten en overgeleverd aan gestadige afbraak. Tijdens de communistische overheersing is het orgel zwaar verwoest door vandalen in de Tsjechische republiek (voorheen Tsjecho-Slowakije). Het orgel werd geheel gerestaureerd door Vladimir Slajch in 1995 dankzij gulle donaties van de voormalige Duitse inwoners. Het werd teruggebracht in de originele Renaissance stijl. Het werd echter verhuisd naar een geheel andere ruimte: naar de kerk van Doksy, aangezien de kerk van Kruh in zeer slechte conditie verkeert. Thans, na decennia van afbraak, hebben de organisten nu weer de mogelijkheid dit unieke instrument te bespelen in zijn originele uitvoering. De meesterwerken van de Renaissance en vroege Barok uitgevoerd op dit type orgel klinken absoluut schitterend.Literatuur: Tomáš Horák, Varhany a varhanáři na českolipsku. Česká lípa, 1996. |